Zindelijkheidstraining; zo kun je dat doen!

Door Marieke
Zindelijkheidstraining

Het is iets waar je ontzettend naar uitkijkt! De dag waarop je kindje uit de luiers is. De dag waarop je niet meer hoeft te slepen met pakken luiers, dat je niet meer hoeft te verschonen en dat je weer ietsje meer budget overhoudt voor andere dingen. Je kunt het beste met de zindelijkheidstraining beginnen als je kindje eraan toe is. Maar wanneer is je kindje eraan toe en hoe pak je het vervolgens dan aan?

Hoe merk je dat je kind eraan toe is?

Er zijn een aantal punten waaraan je merkt dat je kind toe is aan de zindelijkheidstraining. Bekijk deze volgende punten en kijk of je ze grotendeels af kunt vinken. Kun je ze nog niet (bijna) allemaal afvinken? Wacht dan nog even, dan is het wellicht te vroeg om te beginnen met de zindelijkheidstraining. Als je te vroeg begint, kan dat alleen maar averechts werken en gaat het langer duren voor je kindje zindelijk is.

  • Je kind kan aangeven dat het in zijn luier heeft geplast of gepoept
  • Je kind heeft belangstelling voor het potje of de wc
  • Het kan ook zelf zijn broek omhoog en omlaag doen
  • Je kunt je kind uitleggen wat de bedoeling van het potje is
  • Je kindje kan zelf zitten en opstaan
  • Daarnaast kan je kind ook zelf heel goed duidelijk maken wat het wel of niet wil
  • Je kind kan makkelijke dingen die jij doet nadoen.
  • Het wil met jou mee naar het toilet en is heel geïnteresseerd

Wanneer kun je beter niet beginnen?

Staan er spannende dingen te gebeuren in de komende weken/maanden? Dan kun je beter nog even wachten met de zindelijkheidstraining. Denk bijvoorbeeld aan dingen als de verjaardag van je kindje, een verhuizing of het krijgen van een broertje of zusje. Is het net daarvoor zindelijk dan zou je kind al snel een terugval kunnen krijgen en dat is natuurlijk het laatste wat je wilt. Daarom kun je maar beter na de gebeurtenis beginnen met de training.

Het is echter wel prettig als je kind zindelijk is als het naar school gaat. Als het 2 jaar is en het is nog niet zindelijk hoef je je echt nog geen zorgen te maken. Je hebt nog tijd genoeg. Maar probeer het wel ruim op tijd voor de 4e verjaardag te doen. Zo is de kans op ongelukjes op school ook minder groot.

Beginnen met de zindelijkheidstraining

En dat is het zover. Je denkt dat je kindje eraan toe is en jij hebt alle spullen die je nodig hebt in huis. Dan kun je echt beginnen. Volg deze 8 stappen op weg naar zindelijkheid:

Leestip: Zindelijkheidstraining; met een potje alleen ben je er niet

1. Voorlezen

Je kunt een kind alvast wat voorbereiden op de zindelijkheidstrainingen – zonder het zo te noemen – door boekjes voor te lezen. Er zijn talloze boekjes die gaan over het plassen op het potje. Aan de hand van het verhaaltje en de plaatjes wordt je kindje alvast wat voorbereid en is het niet helemaal compleet nieuw.

2. Introductie

Wat je het beste kunt doen is om het potje echt samen met je kindje te kopen. Als je je kind daarbij betrekt en jij bent onwijs enthousiast, dan heb je al de helft gewonnen. Eenmaal thuis vraag je aan je kindje of het op het potje wil zitten. Eerste gewoon met kleren aan. Gewoon om even te wennen en te proberen. Oefen vooral geen druk uit als je kindje niet wil.

3. Rollenspel

Is je kind nog niet zo enthousiast over het potje? Koop dan nog een klein potje voor de pop of de beer. Doe de beer of pop een onderbroek aan en laat het op het potje zitten. Misschien wil je kindje er nu wel naast zitten op zijn eigen potje. Speel samen met je kind een rollenspel waarbij de pop of beer moet plassen en dat op het potje doet.

4. Op het potje

Gaan de bovenstaande punten goed, dan is je kindje wellicht zover dat het de broek omlaag kan doen en echt kan proberen om een plasje op het potje te doen. Om te voorkomen dat je kind al na enkele seconden van het potje afgaat kun je hem een boekje geven of zelf een boekje voorlezen. Over plassen op het potje natuurlijk.

5. Vier een feestje

Uiteindelijk komt er altijd een moment dat je kind een keer echt een plasje op het potje doet. En dat is het moment om het te vieren. Maak er een klein feestje van. Geef een compliment, klap in je handen, geef je kind een dikke knuffel en natuurlijk heeft het de eerste sticker op de beloningskaart verdiend.

6. Herkennen

Nu hoop je dat het niet bij dat ene plasje blijft. Als je denkt dat je kind er echt klaar voor is laat je het een dag alleen in zijn onderbroek lopen. Of een onderbroek met daarover een zeer makkelijk zittende broek zoals een joggingbroek of pyjamabroek. De eerste 1 à 2 dagen zul je misschien nog flink wat broeken moeten verschonen, maar je zult zien dat het nu heel snel kan gaan. Probeer ook zelf te herkennen wanneer je kindje moet plassen. Je kunt het merken aan het gedrag, de houding of gezichtsuitdrukking. Vraag ook zeer regelmatig of je kindje moet plassen.

7. Het gaat steeds beter

Na een aantal dagen zul je al zien dat het steeds beter gaat. Natuurlijk trek je de eerste weken nog een luier aan als je lang op pad gaat, als het een middagslaapje doet en als het ’s nachts slaapt. Maar probeer na enige tijd het ook zelf los te laten en je kindje zonder luier mee te nemen als je weggaat. Leg een waterdichte onderlegger in de autostoel of in de kinderwagen, neem voldoende schone kleding mee en gaan met die banaan.

8. ’s nachts zindelijk

Er zijn kinderen die in één keer zowel overdag als ’s nachts zindelijk zijn. Maar wees gerust, die kinderen zijn slechts op één hand te tellen. Soms kan het nog wel een poosje duren voordat het ook ’s nachts zindelijk is. Als je op een ochtend merkt dat de luier niet meer zo vol zit, dan kun je proberen om een luierbroekje aan te doen en ’s avonds laat nog een keer te laten plassen. Laat je kind na het avondeten niet veel meer drinken. De meeste kinderen zijn zo’n half jaar later ook ’s nachts zindelijk.

You may also like

Laat een reactie achter